2de Voortgangsrapportage 2022

Toelichtingen afwijking begroting 2022

Mee- en tegenvallers:

Regionale jeugdhulp 2022-2026 (K07.02)

Uit de bijgestelde (voorlopige) begroting 2022 en de concept meerjarenbegroting van de Serviceorganisatie Zorg (SOZ) blijkt het Leidse aandeel van de structurele kostenontwikkeling vooralsnog kan worden opgevangen binnen de beschikbare budgetten in de begroting. Gemeente Leiden ontvangt vanaf 2022 (zie Programmabegroting 2022) 1,9 miljoen extra structureel omdat de fondsbeheerder verwacht dat gemeente Leiden door het gewijzigde woonplaatsbeginsel / Voogdij 18+ deze kostenstijging gaat maken. Deze stijging is vooralsnog niet in diezelfde omvang zichtbaar in de door SOZ begrote bijdrage voor Leiden, waardoor de kosten voor Jeugdhulp nu binnen de begroting blijven en in 2022 naar verwachting een incidentele meevaller van 0,6 miljoen ontstaat. Het voordeel wordt gestort in de reserve sociaal domein. Mogelijk is het volledige effect van deze wijziging nog niet volledig in beeld. Dit blijft een structureel risico voor de toekomst. Dat geldt eveneens voor mogelijke extra kosten als gevolg van de recent afgesloten CAO Jeugdzorg.

Regionale uitvoeringskosten jeugdhulp (K07.03)

Ingaande 2022 is gestart met een nieuwe manier van inkopen van de jeugdhulp. Uitgangspunt hierbij is dat gemeenten meer zelf gaan sturen op de inhoudelijke beleidsdoelen. In de voorbereiding op deze nieuwe werkzaamheden is gebleken dat regionaal en dus ook vanuit de Leidse regiogemeenten extra formatie nodig is om deze taken adequaat te kunnen uitvoeren. Dit brengt extra kosten met zich mee ad 116.000. Een ander onderdeel van deze nieuwe manier van sturen is het onderbrengen van de regionale ondersteuningseenheid bij een van de gemeenten (Leiden). Deze eenheid was voorheen ondergebracht bij Holland Rijnland. Om de kosten van de extra overhead en werklast die hier voor Leiden mee gepaard gaat te kunnen dekken is extra budget ad 15.310 nodig in 2022, aflopend naar 6.898 vanaf 2023.

Budgetneutrale wijzigingen:

Subsidieregeling peuterspeelopvang en voorschoolse educatie (K07.07)
Voor een extra pedagogische medewerker voor de Zijlwijkschool (kosten 70.000) is dekking gevonden binnen de budgetten voor Onderwijskansenbeleid.

Leerlingenvervoer (07.01)

Het aantal kinderen dat gebruik maakt van het leerlingen- en jeugdhulpvervoer is de afgelopen jaren gestegen; van 148 kinderen in 2017 in het leerlingenvervoer naar 200 in 2022 en van 4 kinderen in het jeugdhulpvervoer naar 20 kinderen in 2022. De kostenstiging als gevolg hiervan is de afgelopen jaren opgevangen binnen de budgetten voor onderwijs. Het afgelopen jaar is het leerlingenvervoer aanbesteed. . De vorige aanbieder had aangegeven dat de huidige tarieven een gezonde bedrijfsvoering onmogelijk maken. Hogere tarieven t.g.v. de aanbesteding waren dus te verwachten. Het aanbestedingsnadeel in 2022 heeft betrekking op vijf maanden (aug t/m dec). Voor 2022 wordt een overschrijding verwacht van geschat 248.000, deels veroorzaakt door de aanbesteding en deels door het gestegen aantal leerlingen. Hiervan heeft 68.000 betrekking op jeugdhulpvervoer. Deze kosten worden binnen het geheel van de jeugdhulp begroting gedekt. Per saldo resteert voor 2022 een nadeel van 180.000. Als dekking voor dit nadeel kan de door het rijk toegezegde vergoeding voor het vervoer van Oekraiense leerlingen worden ingezet (44.590) Gebleken is dat hiervoor geen kosten gemaakt worden. Daarnaast kan een drietal incidentele onderbestedingen worden ingezet: 30.000 brede school Roomburg, 74.251 VSV-projecten en 31.159 Communities that care. Het tekort voor 2022 is daarmee opgelost, maar het tekort is structureel van aard en zal ten gevolge van de jaarlijkse indexering (NEA-index) vanaf 2023 verder stijgen naar 389.000, onder andere door hogere brandstofkosten.

Herallocatie middelen IGBO (07.02)
Omdat de tijdelijke huisvesting van het internationaal geörienteerd basisonderwijs (IGBO) in het bestaande schoolgebouw aan de Van Vollenhovenkade 15 is gehuisvest, is het niet meer nodig om tijdelijke huisvesting te realiseren aan de Saffierstraat (voormalig Crescendoterrein). Hierover is de raad reeds geïnformeerd en de jaarlijkse huurcomponent is in de laatste kaderbrief als structurele meevaller meegenomen. Er resteert in 2022 een bedrag van 883.943. Een deel van dit bedrag zal moeten worden gebruikt om het bestaande schoolgebouw geschikt te maken voor het IGBO onderwijs. Het schoolbestuur SCOL denkt dat hiervoor € 256.815 nodig is. Hierdoor kan er 627.128 ingezet worden voor tegenvallers bij andere onderwijshuisvestingsprojecten. Naar schatting is er ongeveer 500.000 nodig voor het inrichten van de openbare ruimte aan de Vijf Meilaan 137 nadat het nieuwe Vlietland College daar is gerealiseerd (2024). Resteert nog een bedrag van 127.128 voor noodzakelijke plankosten voor het Programma Onderwijshuisvesting in 2023.